In het begin waren er computers en mobiele telefoons. Met de computer kon u allerlei taken uitvoeren, en met de mobiele telefoon kon u bellen en een sms sturen. Naarmate de technologie vorderde, werden zowel computers als mobieltjes steeds kleiner. De telefoons kregen er steeds meer functies bij, zoals een camera- en videofunctie en de aanwezigheid van een internetverbinding. Dat ging vergeleken met de huidige techniek vrij ‘primitief’. Om te internetten moest u ofwel een speciaal duur abonnement nemen, of per gebruikte eenheid betalen, wat vaak tot pittige rekeningen leidde.
De nieuwste generaties telefoons wordt smartphone genoemd, wat een Engelse term is die letterlijk ‘slimme telefoon’ betekent. Smartphones zijn in de aanschaf erg duur, maar als u ze in combinatie met een abonnement neemt zijn ze een stuk voordeliger. Zo'n abonnement biedt telefonie en internet aan. Voorheen kon u met de meeste abonnementen onbeperkt internetten op de telefoon, maar nieuwe abonnementen beperken dat in veel gevallen tot een bepaald maximum. Grofweg zijn er momenteel twee categorieën: simpele telefoons om te bellen en te sms’en, en smartphones.

Smartphones zijn toestellen waarmee u van alles kunt doen: e-mailen, chatten, filmen, internetten, foto’s die u hebt genomen naar internet versturen, programma’s uitvoeren, teksten invoeren, een blog schrijven en bijhouden. Er zijn uitgebreide mogelijkheden aanwezig om muziek af te spelen. Daarnaast kunt u ook bellen met de toestellen. Ook andere reguliere functies zijn aanwezig, zoals een rekenmachine en een lijst met contactpersonen.
Deze telefoons maken gebruik van een internetverbinding. Die plukken ze soms uit ‘de lucht’, zoals het 3G-netwerk voor de iPhone. De toestellen kunnen ook wifi-signalen oppikken, bijvoorbeeld van (on)beveiligde draadloze netwerken. Wie thuis draadloos internet heeft, kan daar met zijn smartphone ook (gratis) gebruik van maken. Elke smartphone heeft via internet toegang tot een online winkel waar toepassingen voor de telefoon worden aangeboden. Die heten 'apps'. Denk aan een app van bijvoorbeeld Buienradar om te zien waar het regent. Of een app om met uw mobieltje te betalen voor online aankopen. Kortom: smartphones zijn mobiele internetcomputers waarmee u ook kunt bellen.

Zoals gezegd kunt u er eigenlijk alles mee wat u ook op een desktopcomputer kunt doen. Al moet men wel realistisch blijven: grote stukken tekst intypen gaat bij lange na zijn niet zo gemakkelijk als via een 'echt' toetsenbord. Bovendien hebben de toestellen veel minder geheugen dan een reguliere computer. U kunt bijvoorbeeld geen pc-spel spelen op een smartphone, al zijn er van veel bekende spelletjes al speciale versies gemaakt voor smartphones.
In principe valt elke telefoon waarmee u kunt internetten of bijvoorbeeld foto's maken en verzenden, onder de noemer 'smartphone'. De twee grootste spelers zijn momenteel Apple met de iPhone en Samsung met de Samsung Galaxy. OOk zijn er andere merken en telefoons die ook veel worden verkocht.
De
iPhone is een mobiele telefoon van Apple. In oktober 2011 werd versie 4s aangekondigd en gelanceerd. Veel mensen hadden gedacht dat er een geheel nieuwe type, nummer 5, zou komen maar dat was niet het geval. De 4s is een verbeterde versie van de 4, die al een tijdje op de markt is. De 4s werkt nog sneller en soepeler dan de 4 en heeft een betere camera. Wat betreft zijn functies is het een combinatie van een telefoon, de muziekspeler iPod en een PDA (handcomputer). U kunt ermee mailen, bellen, internetten, muziek beluisteren, foto's maken en bekijken, video’s bekijken.
Wie een iPhone heeft, kan nieuwe programma’s ervoor aanschaffen in de App Store. Daarnaast zijn er via iTunes muzieknummers en online cd's te koop. In de App Store staan misschien wel tienduizenden toepassingen. Veel ervan zijn gratis, voor veel andere moet u een bedrag betalen. Via een verdeelformule gaat een deel van de winst naar Apple en een deel naar de maker van de software. Apple besluit welk programma er wel en welk programma niet in de App Store komt. Daar is veel kritiek op vanuit de makers van programma's.
In Nederland kunt u bij verschillende aanbieders terecht voor een iPhone in combinatie met een abonnement. Los zijn ze erg duur, het goedkoopste model kost in de winkel 599 euro zonder abonnement. Met een abonnement erbij is dat goedkoper. Hoe duurder uw abonnement, hoe goedkoper het toestel. Wie 100 euro in de maand betaalt voor een abonnement krijgt de iPhone gratis. Bij een regulier abonnement moet u 180 euro bijbetalen. Spotgoedkoop is het dus sowieso niet.
De meeste abonnementen werken met datalimieten. Dat betekent dat u via het netwerk van uw provider maar tot een bepaald maximum gratis mag internetten. Dat geldt alleen voor het signaal 'uit de lucht'. Als u thuis inlogt op uw draadloze wifi-signaal dan telt dat verbruik niet mee binnen uw abonnement. De providers hebben een soort tellertjes ontwikkeld waarmee u kunt bijhouden hoeveel internetverkeer (dataverkeer) u hebt via uw abonnement. Zo kunt u zelf in de gaten houden of u de limiet niet overschrijdt.
De tweede, nieuwe stroming smartphones is een reeks toestellen van verschillende merken. Zij gebruiken het systeem Android als besturingssysteem (wat Windows is voor de meeste computers, is Android voor deze toestellen). Android is een zogenoemd open source-systeem. Dat betekent dat het in principe elk bedrijf of programmeur vrijstaat om het systeem te bewerken of te verbeteren. Het is oorspronkelijk ontwikkeld door Google en werd later vrijgegeven aan andere partijen.
Als u iets hoort of leest over de nieuwe Samsung Galaxy of HTC dan gaat het om Android-telefoons. Ze kunnen eigenlijk precies hetzelfde als bijvoorbeeld een iPhone. Wel zijn ze in de aanschaf doorgaans wat goedkoper.
Zeker telefoons van Samsung worden vaak vergeleken met iPhones in hun bedieningsgemak. De smartphones van Samsung zijn een stuk goedkoper dan de iPhone en worden beschouwd als de grootste concurrent. Was eerst de iPhone de best verkochte smartphone, nu strijden Apple en Samsung nek aan nek. De
Samsung Galaxy is een van de populairste modellen. Als u er eentje aanschaft in combinatie met een abonnement, dan is het toestel gratis of moet u een klein bedrag (bijvoorbeeld 20 euro) bijbetalen, afhankelijk van uw abonnementsvorm.
Er zijn ook smartphones die niet werken met Android en ook geen iPhone zijn. Blackberry heeft bijvoorbeeld een eigen systeem voorop de telefoons. Van oudsher zijn Blackberry's voornamelijk gebruikt door zakenlui dus in de consumentenmarkt spelen ze ook nu nog geen grote rol. Dan zijn er nog telefoons die werken met Windows. Telefoonmerk Nokia kondigde onlangs aan twee smartphones te lanceren met Windows Mobile 7.5 erop. Die moeten de concurrentie aangaan met Apple en Samsung, de twee grootste spelers op de markt.
Of smartphones geschikt zijn voor senioren is een lastige vraag. Net als bij andere leeftijdsgroepen is dat afhankelijk van de belangstelling voor nieuwe gadgets en toepassingen. Wie sowieso amper mobiel belt en weinig interesse heeft in computertoepassingen, zal weinig kunnen beginnen met de smartphones. Voor louter bellen voldoet een simpel toestel net zo goed, zo niet beter.
Bent u echter in bezit van een goed zicht (voor de kleine letters op het scherm), een redelijk fijne motoriek (voor de bediening) en een grote belangstelling voor nieuwe interactieve toepassingen, dan is het zeker de moeite waard om u erin te verdiepen. Het bedieningsgemak is sterk verbeterd en afhankelijk van het type en het abonnement zijn de kosten overzichtelijk.